Een blikje Tiger kost op het eiland Langkawi maar 1/4 van de prijs die je er in de rest van Maleisië voor betaald. Een schamele 2 Ringgit (zo’n 40 eurocent) vraagt de mega-automaat van Zackry’s Guesthouse in ruil voor een koud blikje bier, en daar maken we dan ook veelvuldig gebruik van. Als we de eerste avond een groep internationals bezig horen met een drankspel, verklaren we ons daar echt te oud voor­­. Maar niet veel later op de tweede avond zitten we zelf tussen de Engelsen, Duitsers en Nederlanders een potje te Kingsen… “Welcome to taxfree Langkawi guys!”

In tegenstelling tot ons normale ritme waarin we eerst uitpluizen wat er te doen is, er vervolgens flink op uit trekken en naar aanleiding van tips van medereizigers weer naar onze volgende bestemming gaan, besteden we nu meer tijd achter de laptop en televisie. Foto’s van twee maanden Indonesië nemen behoorlijk wat geheugen in beslag en die overbelichte foto van een orang-oetang die net de andere kant op keek, hoeven niet geüpload te worden in de cloud. Tijd dus voor wat opschoning! En zo staan er nog een aantal dingen op ons to-do lijstje die we afwerken. En die tijd voor de televisie? Tja, dat komt omdat we onze IJslandse, Duitse en Franse reizigers natuurlijk fanatiek steunen voor het EK. Het enige nadeel is dat we op een ander continent zitten met 6 uur tijdsverschil, waardoor spannende ontknopingen pas diep in de nacht of zelfs in de vroege morgen plaatsvinden.

Behalve dat het eiland taxfree is, staat het ook bekend als een tropisch eiland met prachtige stranden en een spectaculair binnenland. Dit, in combinatie met een gratis visum voor drie maanden, zorgt ervoor dat we telkens besluiten om wat langer te blijven. In eerste instantie zouden we vier nachten blijven, maar vanwege het heerlijke bed en de relaxte vibe in het guesthouse, boeken we er al snel drie bij. Daarna verlengen we nog twee keer tot bijna twee weken in totaal, mede omdat het einde van de Ramadan op de agenda staat wat het reizen lastig en hartstikke duur maakt. Veel moslims vieren het Suikerfeest namelijk thuis met familie of ze gaan met z’n allen op vakantie. Op Langkawi is er die dagen dan ook geen hotelkamer meer te vinden en de taxi’s die nog wel rijden hebben hun tarieven verdrievoudigd. En gelukkig krijgen we er geen spijt van, want die avond trakteert het hostel ons op een uitgebreid Maleis buffet en vieren we het Suikerfeest samen met het personeel en alle gasten.

Afgezien van onze ‘werktijden’ en de gezelligheid in het hostel zelf, kunnen we het natuurlijk niet laten om het eiland te verkennen. Met de scooter trekken we er daarom een paar keer op uit en komen zo terecht bij een aantal mooie stranden. Het water is niet zo helderblauw als dat we een aantal keer in Indonesië hebben gezien, maar met uitzicht op de kleine omliggende eilanden is het zeker niet verkeerd. Via het bosrijke, heuvelachtige binnenland rijden we verder naar twee grote watervallen. Nadat we onze scooter hebben geparkeerd, beginnen we aan een heftige klim waarbij het zweet gelijk al van ons gezicht druipt (heerlijk zo’n hoge luchtvochtigheid). Bovenaan springen we direct in een van de natuurlijke waterbronnen van de Seven Wells Waterfall. Om af te koelen, maar vooral óók om bij te komen van de schrik. Brenda was even daarvoor namelijk bijna op een slang gaan staan, waar de eigenaresse van het guesthouse ons nog zo voor had gewaarschuwd: “The little snakes are the most dangerous and can kill you in 15 minutes”. Als we haar achteraf de foto aan haar laten zien, blijkt het gelukkig geen dodelijke te zijn maar een bezoek aan het ziekenhuis zou het zeker wel zijn geworden. Phew, dat dus gelukkig niet!

Haar andere waarschuwing om niet de hoogste berg van het eiland op te rijden slaan we wel uit de wind. De weg zou heel slecht zijn en als er iets met de scooter gebeurt zou het ons heel wat geld gaan kosten. Als we omhoog rijden denken we alleen maar “het zal nog wel komen…”, totdat we boven aan staan en een 360 graden uitzicht hebben over Langkawi. We lachen, want inmiddels zijn we wel wat gewend met zandpaden, losse stenen, grote kuilen en plassen. Vergeleken daarmee was dit een nette tweebaans-asfaltweg met enkele scheuren die het naar ons idee wel erg makkelijk maakt om door de jungle naar de top te rijden. Zo hebben wij ons Nederlandse luxe kader (als nummer 5 van de Index Menselijke Ontwikkeling) allang ingeruild voor een veel lager gemiddelde, met Indonesië op nummer 110 en Maleisië op nummer 62 van de in totaal 185 genoteerde landen. Dit perspectief maakt het reizen voor ons zo enorm waardevol, en is iets waar iedereen bij het lezen van deze blog even bij stil mag staan 🙂